Even voorstellen: de nieuwe penningmeester (ad interim tot de ALV van juni 2026)
Mijn naam is Ina van der Werff en ik neem, vooralsnog ad interim tot de officiële benoeming tijdens de ALV in juni 2026, de taak van penningmeester op mij. Op dit moment ben ik druk bezig met het innen van de contributie voor 2026. Het valt me op dat de meeste leden per omgaande betalen en dat vergemakkelijkt mijn werk.
Als inwoners van Den Haag zijn mijn man en ik jaren geleden lid geworden van de Haagse Vogelbescherming. Maar na een leuke excursie met de Vogelwacht Delft besloten we ook van deze vereniging lid te worden.
Als mensen horen dat je vogels leuk vindt, vragen ze vaak wat je lievelingsvogel is. Voor mij een moeilijke vraag, want ik vind bijna alle vogels leuk. Elke soort heeft wel iets bijzonders, grappigs, moois of ontroerends maar… de prieelvogels van Australië en Nieuw-Guinea vind ik wel héél bijzonder. Ik ken ze natuurlijk alleen maar van filmpjes, maar daar kan ik dan ook geen genoeg van krijgen. Kijktip: op dit moment is er een leuke film over deze vogels op Netflix: ‘Dancing with the birds’. Dichter bij huis vind ik kleine, kleurrijke vogels als putters, goudhanen en baardmannen leuk en hoe fijn is het om gewekt te worden door een zingende merel. Het leuke van vogels kijken is ook het verrast worden. Zo hadden we afgelopen woensdag met al die sneeuw ineens bezoek van zeven staartmezen in de tuin.
Dan nog even over het penningmeesterschap: omdat ik een paar keer hoorde dat er een nieuwe penningmeester gezocht werd en ik al een tijdje met pensioen ben en in het verleden een financiële opleiding heb gedaan, leek het me een goed idee om me hiervoor aan te melden en me zo nuttig te maken voor de vereniging.
De afbeelding hieronder is een beeldpuzzel (gemaakt door mijn dochter): er zijn 10 vogels verborgen. Het werkt als volgt: als je een plaatje van een kiwi (de vrucht) ziet, dan zou de gezochte vogel een kiwi zijn. Bij de plaatjes in deze puzzel moet je echter wat langer nadenken. De antwoorden komen in de volgende nieuwsbrief. Veel plezier ermee.

Opening IJsvogelwand Abtswoude
Iedereen weet hoe zo’n klein vogeltje, vliegend, zo’n grote indruk kan maken. Met open mond en ingehouden adem kijk je naar hem, staalblauw, ongenaakbaar vliegt ‘ie voorbij.
Het doel van een aantal donaties die afgelopen periode binnengekomen waren, was duidelijk; de Vogelwacht Delft e.o. paste nog wat bij.
Samen met Staatsbosbeheer was een locatie snel gevonden. Moeilijk bereikbaar en toch te zien. Vanwege de kwetsbaarheid van deze soort en dat een ijsvogel het beste in een rustige omgeving gedijt, wordt de plek van de ijsvogelwand bewust niet breed gedeeld.
Op zaterdagmiddag 17 januari is de IJsvogelwand officieel geopend. We hebben het glas geheven en de wens uitgesproken dat vele jonge ijsvogels vanaf deze plek de wereld intrekken.
Dank aan iedereen voor haar of zijn bijdrage in welke vorm dan ook!

De Kwade Hoek, auto-excursie
Start: Korftlaan tegenover de Papaver om 8.00 tot ?? uur
Kosten € 0,07 per kilometer
Informatie en aanmelden op donderdagavond 22 januari tussen 19.00 uur en 21.00 uur bij Jannie de Jong Tel.nr.: telefoonnr
Bij slecht weer wordt de excursie een week uitgesteld (31 januari.) Kom ook en ontdek dit bijzondere gebied.
Dit wordt een uitdagende excursie die in de eerste plaats warme kleding vereist en waterdichte wandelschoenen of laarzen… we gaan over de slikken buiten de duinenrij, hier kan het nat en glibberig zijn, kleine stukjes dan. Het meeste is droog met schaarse begroeiing.
Het gebied de Kwade Hoek is een gebied wat aangroeit, na de aanleg van de 2e Maasvlakte, wordt hier steeds meer zand aangevoerd en ontstaat er een nieuw getijdengebied, compleet met geulen. Wat gaan we daar zoeken? We gaan op zoek naar wintergasten die dit landschap op de grens van land en water uitkiezen als hun overwinteringsgebied. Dit zijn sneeuwgors, strandleeuwerik, soms ijsgors, kneu en misschien al een vroege veldleeuwerik. En natuurlijk in de vloedlijn, drieteen strandlopers etc. Er zijn ook enkele meertjes in dit gebied, waar ongetwijfeld ook watervogels verblijven. We nemen de tijd om hier te zijn, bij goed weer kunnen we ook terug door de duinen.
Daar zullen vast wel kiekendieven te zien zijn. Eventueel kunnen we ook de buitenhaven bij Stellendam afzoeken naar zaagbekken en brilduikers.
En anders gaan we lekker weer naar huis.
LET OP, Bij slecht weer of temperaturen onder het vriespunt wordt deze excursie verzet naar 31 januari. De gids wil niet het risico lopen dat mensen onderkoeld raken. We staan veel stil en dan is het gewoon te koud.

Verslag van de lezing “Zee- en kustvogels langs de Nederlandse kust, invasies en influxen “
“Altijd blijven opletten.”
Verslag van de lezing “Zee- en kustvogels langs de Nederlandse kust, invasies en influxen “, door Kees Mostert, 8 januari 2026
Nee, het werd geen invasie, maar het aantal bezoekers was groter dan verwacht: ondanks het winterse weer werd het gezellig druk in de Natuurschuur. Maar liefst 26 mensen in de zaal en 9 mensen online. We hadden het omgekeerd verwacht. Maar zowel de spreker als het onderwerp beloofden een interessante avond. Kees Mostert is een kenner, kan goed vertellen en Delft ligt vlak bij de kust.
Kust- en zeevogels.
Toch zul je zee- en kustvogels niet gauw in Delft aantreffen. Zeevogels bevinden zich op zee en broeden het liefst op een eiland. Kustvogels zie je vooral op de smalle band langs de zee. Voor het kijken naar zeevogels is Cap Gris-Nez, daar waar het Kanaal op z’n smalst is, een ideale plek. In het najaar en voorjaar trekken daar duizenden zeevogels langs. Maar zover hoeven wij niet te gaan. Op de Pier van Scheveningen is ook veel te beleven. Zeker bij aanlandige, stormachtige wind, dan komen ze dichterbij.
Het valt namelijk niet mee om vanaf de kust zeevogels ver weg te determineren. Dat heb ik tijdens excursies naar kustgebieden ook ervaren. Gelukkig zijn er dan ervaren vogelaars van de Vogelwacht om me heen met goede aanwijzingen, kennis en een telescoop.
De kennis van zeevogels is vanaf de jaren ’70 flink toegenomen. Vanaf die tijd is men begonnen met het tellen, wat makkelijker werd dankzij betere verrekijkers, telescopen en de mogelijkheden om naar de kust te komen. Maar zeevogels tellen is toch echt nog topsport, aldus Kees. Je moet goed kijken naar het silhouet, waar zitten de lichte plekken. Eén van de charmes van deze sport is de zee zelf. Die is zo ontzettend bijzonder en woest. En zien hoe al die vogels, zelfs de kleine stormvogels, de harde wind trotseren. Toch kan het voor de zeevogels ook uit de hand lopen en raken ze zo vermoeid dat ze op de basaltblokken gaan zitten of dood gaan.
Kees toonde vele foto’s van zee- en kustvogels en vertelde hierbij dat door klimaatverandering er soorten zijn die je nu veel minder ziet omdat ze meer in het noorden blijven. Zeekoeten, alken en ijseenden bijvoorbeeld zie je nu veel minder dan 50 jaar geleden.
Onverwacht kwam er een vogel in beeld die ik niet had verwacht en Kees ook niet toen hij aan het tellen was. Maar als je blijft doortellen en goed oplet, kan je verrast worden door bijvoorbeeld de velduil. Velduilen vliegen namelijk dwars over zee naar Scandinavië.

Invasies en influxen
Winters weer, zoals in deze dagen, is vaak aanleiding voor vogels om te gaan trekken. Maar ook al zijn nu de weilanden besneeuwd en de plassen bevroren, Kees ziet momenteel geen grote groepen die zich verplaatsen en vraagt zich af waarom dat zo is.
Oorzaken van verplaatsing van vogels is meestal voedselgebrek. Er is sprake van een invasie als er van een vogelsoort veel grotere aantallen ons land binnentrekken dan normaal. Ze komen voornamelijk uit Scandinavië of Siberië. Soms komt dat doordat er in hun broedgebied veel jongen groot zijn geworden dankzij bijvoorbeeld een mastjaar. Misschien dat dit de reden is van de enorme toename van pimpelmezen dit najaar. Strenge winters en ook droogte in de zomer in Zuid-Europa, kunnen dus tot voedselgebrek en dus tot invasies leiden. Het gaat dan om grote groepen vogels die zich op een plek bevinden waar ze eigenlijk niet thuishoren. Er wordt van influxen gesproken als het om enkele exemplaren gaat. Storm kan daarvan de oorzaak zijn, de vogels zijn dan de verkeerde kant opgeblazen.
De eerste strenge winter die Kees meemaakte was die van 1978/1979. Als middelbare scholier trok hij er veel op uit. In die winter ontdekte hij samen met Gerard een bijzondere vogel, een geelsnavelduiker zo bleek later. Een jong exemplaar. Gerard was in het rijke bezit van een fototoestel en had een zwart-wit foto gemaakt. Er was weinig kennis in die tijd en vogelgidsen brachten ook niet altijd uitkomst. Kees hield een dagboek bij en maakte tekeningen van de vogels. De bladzijde met de getekende notenkraker ( invasie in 1968, in 1992 een kleine influx) zal mij waarschijnlijk het beste bijblijven.
In die winter van 1978/1979 was er een invasie van de grote trap, ook wel trapgans genoemd. Er waren er 110 geteld in het Groene Hart en Flevoland. Kees speurde de weilanden tussen Delft en Zoetermeer af en ja, uiteindelijk kreeg hij er één in de kijker. De volgende dag zou hij gidsen voor de jeugdbond in Zoetermeer en hij had gehoopt dat ook zij de Grote Trap zouden zien. Dat mocht niet zo zijn, maar niet getreurd. Die dag zagen ze bij de Noorder Aa 3 grote Canadese ganzen, Dat was voor een deelnemer de topper van de dag. Zo zeldzaam waren ze in die tijd nog.
Kees sloot de lezing af met het tonen van twee vlinders, de rouwmantel en een Oosterse vos, om aan te geven dat je bij alle dieren, ook bij vlinders, invasies en influxen kan verwachten, dus altijd blijven opletten!
Voor de volledige lezing met foto’s en namen van de zee- en kustvogels en het volledige verhaal verwijs ik naar de opname van de lezing op ons you-tube kanaal:
https://www.youtube.com/@natuurlezingendelft

Nationale tuinvogeltelling: tel mee en maak het verschil
Vorig jaar is er op grote schaal in Delft meegeteld met de Nationale tuinvogeltelling. Dit was de top 3 meest getelde vogels: de koolmees met 877 waarnemingen, de houtduif met 599 waarnemingen, en op de derde plaats de kauw met 586 waarnemingen.
Sinds de start in 2003 heeft de Vogelbescherming Nederland een steeds beter beeld gekregen van de tuinvogelpopulaties in de winter. Met deze informatie kan Vogelbescherming Nederland de vogels nog beter beschermen.
Dit jaar vindt de Nationale tuinvogeltelling plaats in het weekend van 31 januari 2026.
Meedoen aan de telling is eenvoudig: gedurende een half uur tel je de vogels in je tuin of op je balkon op vrijdag 30, zaterdag 31 januari of zondag 1 februari. De handige webpagina https://mijntuinvogeltelling.vogelbescherming.nl/home helpt je bij het herkennen van de vogelsoorten.
Tel je mee?
Je kunt je hier aanmelden https://www.vogelbescherming.nl/tuinvogeltelling/nieuwsbrief/
